Vluchtelingen getuigen

Joseph en zijn vriend

Nu kunnen we eindelijk opnieuw voor onszelf zorgen

naam: Joseph (*)
geslacht: man
leeftijd: 39
nationaliteit: Sierra Leone
in België sinds: 2011
statuut: asielzoeker, samen met homoseksuele partner gevlucht uit Sierra Leone
verblijft in: appartement in Laken

Terwijl Joseph uitlegt waarom blijven in Sierra Leone geen optie was, hangt zijn vriend verderop hun kleren netjes in de kast. Met een half oor volgt hij het gesprek. Later zal hij aanschuiven en vertellen over het leven als homopaar in een opvangcentrum – ‘anderen vermijden is geen optie’. Én over het warme weer deze zomer– ‘Zelfs na een douche sta je meteen weer in het zweet, ongelooflijk’.

Is het moeilijk om als homoseksueel koppel toe te komen in een groot opvangcentrum?

‘Op het moment dat je asiel aanvraagt, stelt men een uitgebreid dossier op. Daarin staat onder meer dat ik een relatie heb met een andere man. Hierdoor waren de medewerkers van het opvangcentrum bij onze aankomst volledig op de hoogte.

Ze wezen ons een bed toe in dezelfde slaapkamer. Spijtig genoeg moesten we de kleine ruimte delen met andere koppels en families. Van privacy was dus geen sprake. Ook de bewegingsvrijheid was beperkt. Soms mochten we het centrum wel verlaten, maar nooit voor lang.

De medewerkers waren vriendelijk en behulpzaam. Als we eens een dag wat stiller waren of in een hoekje zaten te mijmeren, kwamen ze meteen vragen of er iets scheelde. Op geen enkel moment namen ze aanstoot aan onze geaardheid.’

We waren het enige homoseksuele koppel en voor sommige mensen lag onze relatie moeilijker dan voor anderen.

Hoe reageerden de andere bewoners van het centrum?

‘Leven in een centrum is voor niemand echt aangenaam of gemakkelijk, zeker voor nieuwelingen. Je komt er in contact met vreemde talen, culturen en mensen. We hebben nooit van de daken geschreeuwd dat we een homopaar zijn, maar het ook niet angstvallig verborgen gehouden.

We waren het enige homoseksuele koppel en voor sommige mensen lag onze relatie moeilijker dan voor anderen, vooral de eerste weken. In een centrum kan je elkaar echter niet blijven omzeilen. Je afzijdig houden is dus geen oplossing. Gelukkig zijn we nooit fysiek bedreigd, misschien omdat we steeds tezamen waren.’

Na verloop van tijd verbeterde de omgang. We namen deel aan de activiteiten, raakten aan de praat en maakten vrienden. Sommigen hebben nu eenmaal meer tijd nodig om in te zien dat wij ook maar normale mensen zijn.’

Hoe was het om na enkele maanden het centrum te kunnen verlaten?

‘Het grote verschil tussen individuele en collectieve opvang is de vrijheid, of je nu homo bent of hetero. Na zes maanden konden we een appartementje in Brussel betrekken. Een grote last viel van onze schouders. Met ons maandelijks budget konden we eindelijk opnieuw voor onszelf zorgen.

De meeste problemen hebben we met de Sierra Leoonse gemeenschap. In ons vaderland was onze relatie strafbaar en vreesden we geweld en discriminatie. Onze landgenoten in België beseffen dat ze nu zelf vervolging riskeren als ze ons geweld aandoen. Toch aanvaarden velen van hen homoseksualiteit nog steeds niet. Daarom mijden ze ons. Dat is wel spijtig.’

Wat zijn jullie verwachtingen voor de toekomst?

‘Ik volgde hier een opleiding tot tegelzetter en hoop aan de slag te kunnen in de bouwsector. Dat is niet zo eenvoudig omdat ik eerst een stageplaats moet vinden.

We houden er ook van om bij te leren over de Belgische cultuur en geschiedenis. Tijdens onze integratiecursus bezochten we gebouwen van honderden jaren oud. Zo staken we veel op. De taal nog beter onder de knie krijgen is een ander doel.’

Interview: Jeroen De Sadeleer

foto’s: Jeroen De Sadeleer

(*) Om redenen van privacy kregen de getuigen een schuilnaam. Foto’s van de getuigen werden genomen met uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene.

Alle getuigenissen